Geassocieerd onderzoek

Op 26 november 1940 protesteerde professor Rudolph Pabus Cleveringa als decaan van de Juridische Faculteit in Leiden openlijk tegen het ontslag van Joodse collega’s, in het bijzonder de eminente jurist professor Eduard Maurits Meijers. In de Nederlandse herdenkingscultuur geldt deze rede als een mijlpaal  van burgerlijk verzet tegen de Holocaust. Minder bekend is de juridische inhoud van de rede, de verdediging van Meijers’ hoge standaards van burgerlijk recht, tegenover het onrecht van de anti-Joodse verordeningen. Cleveringa speelde een hoofdrol in het juridische verzet, van de ‘Neurenberger rassenwetten’ in 1935 tot het Nieuw Burgerlijk Wetboek in 1947, ontworpen door Meijers  als een pijler van de Nederlandse rechtstaat. Als toonaangevend vernieuwer op zijn vakgebied van zeerecht en burgerlijke rechtsvordering voegde Cleveringa hier een eigen les aan toe voor de naoorlogse rechtsorde, een voorstel voor een ‘internationaal burgerlijk gerechtshof’  van de Verenigde Naties, in eerste instantie voor het zeeverkeer.

Onderzoeker: drs. Marten van Harten

Looptijd: 2015-2018

Beoogde resultaten: (web)tentoonstelling en educatief programma,  peer-reviewed artikel

Meer informatie:

Dit onderzoek draagt bij tot herwaardering van professor Cleveringa als veelzijdig jurist: vernieuwer van het zeerecht en burgerlijke rechtsvordering, verzetsleider en onder meer lid van het College van Vertrouwensmannen van de regering in ballingschap, voorvechter van naoorlogs rechtsherstel voor onteigende, vooral Joodse slachtoffers en bouwer van Nederland als centrum van handel en internationaal recht. Het biografisch onderzoek laat ook netwerken zien van juridisch verzet tegen de Neurenberger wetten, in het kader van het Haagse stelsel van internationale hoven en rechtsinstellingen. Een waardevolle bron zijn Cleveringa’s herontdekte openbare lessen over recht, vrijheid en verantwoordelijkheid gedurende zijn Leidse professoraat van 1927 tot 1958.

Voorgenomen producten zijn: 

  • Een webtentoonstelling, te beginnen in Cleveringa’s geboortestad Appingedam, met educatieve activiteiten op diverse herinneringsplaatsen.
  • Een plan voor digitalisering van zijn verzamelde werk, in het bijzonder de openbare lessen. 
  • Een case-study over Cleveringa’s naoorlogse voorstel van een ‘internationaal burgerlijk gerechtshof.